Tops Luchtfilters

Rondven 38
6026 PX Maarheeze

tel040 - 204 54 06
e-mailinfo@topsluchtfilters.nl
Sfeer Tops Luchtfilters

Europese norm EN779

Vraag offerte aan

Meten is weten

Alle luchtfilters van TOPS worden getest volgens de Europese norm voor luchtfilters EN779. Deze norm bepaalt aan welke voorwaarden een filter minimaal moet voldoen. De norm geldt dus als kwaliteitskeurmerk. Bovendien kunt u zo eenvoudig en objectief de producten van verschillende fabrikanten vergelijken. De EN779 is dan ook een nuttige filter in het aanbod van leveranciers. In de loop der tijd zijn de eisen verschillende keren aangepast.

TOPS Luchtfilters levert alleen producten die aan de Europese normen voldoen. Neem contact op voor meer informatie of een vrijblijvende offerte.

Normen voor luchtfilters sinds 1980

Eurovent 4/5-1980

De Eurovent 4/5-1980 kunnen we zien als de grondlegger van de Europese norm zoals we die vandaag de dag kennen. Dit was een overname van de Amerikaanse norm ASHRAE 52-76. Eurovent besloot om een apart leaflet te publiceren, om op basis daarvan filters te classificeren. Er kwamen aparte richtlijnen voor voorfilters en fijnfilters. Eurovent 4/5-1980 vormde bovendien de basis voor diverse nationale normen in Europa.

EN779:1993

De Eurovent 4/5 werd in 1993 aangenomen als de Europese norm EN779:1993, waardoor er vanaf dat moment sprake was van een Europees geldende norm waar de verschillende landen zich aan dienden te houden. Voorfilters zouden voortaan G1-G4 gaan heten, terwijl de fijnfilters de benamingen F5-F9 kregen. Bovendien specificeerde EN779-1993 de maximale eindweerstanden tot aan waar de filters getest dienden te worden. Het ging om 250 Pa voor de G-klasse filters en 450 Pa voor de F-klasse filters. De norm die we vandaag de dag hanteren vond daarmee al in 1993 z’n voorloper.

Eurovent 4/9-1993

Ten opzichte van het oude verkleuringsrendement introduceerde de Eurovent 4/9-1993 de efficiency per deeltjesgrootte. Vanaf dat moment werd het gebruikelijk om fijnfilters te classificeren op basis van hun efficiency, bij een deeltjesgrootte van 0,4 µm. Dit lag dicht bij het oude verkleuringsrendement en vormde daarom een goed uitgangspunt. Het voordeel hiervan was dat de filters dezelfde filterklasse konden behouden als die ze hadden gekregen via de oude testmethode rondom verkleuring. Met de introductie van deze methode verdween de minimale aanvangsefficiency van 20% voor fijnfilters. Wat dat betreft werd er een flinke stap gezet richting de norm zoals we die vandaag de dag kennen en gebruiken.

EN779:2002

Het was de herziene Europese norm EN779:2002 die de methode Eurovent 4/9 uiteindelijk overnam. Het gemiddelde verkleuringsrendement werd definitief vervangen. Bovendien nam de EN779:2002 een methode van de NT VV 177 aan, om aan de hand daarvan efficiency van elektrostatisch geladen filtermedia te bepalen. Dit werd opgenomen als Annex A binnen EN779:2002. Annex A vormde een onderdeel van de norm, maar werd niet opgenomen bij de bepaling van de filterklasse. Het was binnen deze norm bovendien toegestaan om verschillende ontladingsmethoden te gebruiken. Veel bedrijven kozen voor Isopropanol (IPA) en dieselrook. Dit laatste is bij uitstek geschikt voor het ontladen van complete filters, terwijl IPA beter past bij het behandelen van media monsters.

EN779:2012

De nieuwste herziening van de Europese norm kennen we als EN779:2012. Deze gaat nog een stap verder bij het classificeren van fijnfilters, door een minimale eis voor de efficiency te introduceren. Dit vormt een aanvulling op de gemiddelde efficiency voor filterklasse F7-F9.

Voor het ontladen is nu alleen IPA nog toegestaan, dat we gebruiken voor mediamonsters. Het is verplicht om minimaal 3 monsters en in totaal 600 cm2 met IPA te behandelen. De minimale efficiency geldt overigens niet voor klasse 5 en 6. De benamingen van de filterklassen verandert voortaan van F5 naar M5 en van F6 naar M6, om het onderscheid tussen de testmethoden duidelijk te maken.

Standaardfilters worden, conform EN779:2012,
als volgt geclassificeerd:

Group Class Final pressure drop (test) Pa Average arrestance (Am) of synthetic dust% Average efficiency (Em) for 0.4 ųm particles% Minimum efficiency (ME) for 0.4 ųm particles%
Coarse G1 250 50 ≤Am<65 - -
  G2 250 65≤Am<80 - -
  G3 250 80≤Am<90 - -
  G4 250 90≤Am - -
Medium M5 450 - 40≤Em<60 -
  M6 450 - 60≤Em<80 -
Fine F7 450 - 80≤Em<90 35
  F8 450 - 90≤Em<95 55
  F9 450 - 95≤Em 70